Kernwaarde 2 van 8

Vieren & visualiseren van de gemeenschap: Het ‘Avondmaal’

Verdieping – Flora Visser

De theologische doordenking van het avondmaal start bij wat in het interview en het gesprek in dit hoofdstuk aan de orde is gekomen: de vragen waarom vieren we avondmaal en wat is de betekenis van deze maaltijd. 

De bijbelverhalen 
In de verhalen over Jezus in de evangeliën (in het Nieuwe Testament) wordt verteld over de laatste maaltijd die Jezus gebruikte met zijn leerlingen. Tijdens deze maaltijd vierde Jezus met zijn leerlingen het joodse feest Pesach. Dit jaarlijkse feest viert de uittocht uit Egypte (Exodus 12 en 13), het feest van bevrijding en van Gods trouw. Het jongste kind stelt tijdens deze maaltijd vragen over de betekenis van de maaltijd. Op deze manier wordt het verhaal doorverteld.

De beschrijving van deze maaltijd staat model voor de avondmaalsvieringen in geloofsgemeenschappen. De evangelist Marcus (14:22-24) vertelt het zo:

Terwijl ze aten, nam Hij een brood, sprak het zegengebed uit, brak het brood, deelde het uit en zei: “Neem hiervan, dit is mijn lichaam.” En hij nam een beker, sprak het dankgebed uit en gaf hun de beker, en allen dronken eruit. Hij zei tegen hen: “Dit is mijn bloed, het bloed van het verbond, dat voor velen vergoten wordt.”

In Matteüs (26:26-29) en Lucas (22:14-20) zijn de verhalen vergelijkbaar. Lucas voegt de opdracht toe deze maaltijd te blijven vieren om Jezus te gedenken. 

Paulus beschrijft in zijn eerste brief aan de gemeente in Korinthe (1 Korintiërs 11:23-26) hoe Jezus het avondmaal als ritueel van de gemeente instelde. Hij vertelt dat Jezus het brood ”mijn lichaam voor jullie” en de wijn ”het nieuwe verbond” noemt.  

Ook geeft Jezus de opdracht zo vaak als de gemeente brood en wijn deelt, dat zij dit doen om Hem te gedenken. Paulus voegt daaraan toe dat dit de verkondiging is van de “dood van de Heer, totdat Hij komt.” In deze woorden klinkt veel door. De symboliek van brood en wijn voor Jezus, zijn leven en sterven. De symbolen verwijzen naar verzoening die Jezus tot stand bracht, door zijn bereidheid om zelfs het kruis op zich te nemen uit liefde voor de mensen. Zodat we kunnen herkennen: God neemt al het kwaad op zich en overwint het zo – voor ons. Verzoening tussen God en mens betekent een nieuwe start, leven. En het vertrouwen dat Jezus weer komt, de verbinding met de nieuwe wereld van God (‘koninkrijk van God’) die tot stand zal komen. 

Ook in het Johannesevangelie wordt verteld over de maaltijd die Jezus met zijn leerlingen gebruikt, vlak voor zijn sterven. Hij legt de nadruk op hoe Jezus laat zien dat de leerlingen elkaar moeten dienen en liefhebben door hen bij de maaltijd de voeten te wassen. De vergelijking van brood met Jezus’ lichaam, daarover schrijft Johannes in het verhaal waarin Jezus zegt:

Ik ben het levende brood dat uit de hemel is neergedaald.

Johannes 6:51-59

In het voorafgaande heeft Jezus een hele menigte mensen te eten geven door vijf broden en twee vissen te delen. Hij vergelijkt zichzelf met brood als voedsel dat altijd weer leven geeft. Hij doelt hiermee op de levenslessen die Hij geeft en leeft en op de verbinding die Hij vormt tussen God en mensen. 

In deze teksten wordt het avondmaal verbonden met het sterven van Jezus én het leven van de gemeenschap die rond Hem is ontstaan. Het brengt de gemeenschap steeds weer terug bij wat Jezus leert en hoe Hij leefde en wat dat voor ons als mensen en als gemeenschap betekent. De verbinding van de maaltijd met het sterven van Jezus ‘dringt’ de betekenis van de maaltijd naar het heden, naar ons en onze gemeente. Het brengt ons bij de vraag: wat betekent dit voor jou, voor hoe jij leeft? 

Brood en wijn – als symbolen
Het delen van brood en wijn verbindt met Jezus, met de gemeente en met de leefwijze van de leden van de gemeente. Hier komt de betekenis van avondmaal vieren naar voren. 

Jezus noemt het brood “Zijn” lichaam en de wijn “Zijn” bloed. De maaltijd is zo diep verbonden met Jezus zelf. In de rooms katholieke traditie werd geloofd, dat door de zegening van de priester het brood werkelijk lichaam van Jezus en de wijn werkelijk zijn bloed wordt. Het avondmaal (of ‘eucharistie’ genoemd) werd hierdoor een heilige gebeurtenis (een ‘sacrament’), waardoor een mens werkelijk deel van Jezus werd.

Aan het begin van de doperse beweging – begin van de 16e eeuw – werd dit veranderen van brood en wijn betwijfeld. Men kwam tot de conclusie dat brood en wijn symbolen zijn die wijzen naar Jezus en naar zijn aanwezigheid in de gemeente. Deze eerste (weder)dopers moesten zich in de gesprekken met andere tradities, eerst de middeleeuwse kerk en later de verschillende reformatorische bewegingen, verdedigen over hun avondmaalsopvatting. In hun uiteenzettingen legden ze nadruk op de verzamelde gemeente, de onderlinge band van liefde en de veranderde leefwijze die paste bij een mens die zijn/haar geloof beleden had. 

Eenheid en enigheid – in verscheidenheid
In onze tijd worden brood en wijn nog steeds gezien als verwijzing naar de maaltijd, zoals in de Bijbel beschreven. Daarnaast wordt de aanwezigheid van Jezus verondersteld, we zijn in zijn naam bijeen (zie Matteüs 18:20: ‘Want waar twee of drie mensen in mijn naam samen zijn, ben ik in hun midden.’). Hiermee gebeurt er iets tussen de aanwezigen. Verbonden in naam van Jezus worden we één. De maaltijd is daarmee meer dan mensen die brood en wijn delen, een mystieke gebeurtenis. Het is als het ware een ontmoetingsplek geworden tussen God en mens.

Het ervaren van deze ontmoeting geeft iets plechtigs aan avondmaal vieren. Dit is vast de reden dat men tot een aantal jaren geleden in nette kleren naar de viering ging. Je bent genodigde aan ‘de tafel van de Heer’. De ingetogen stilte die ontstaat bij het delen van brood en wijn passen bij dit moment. 

Er wordt in de bijbelverhalen verteld, dat Jezus een dank- of zegengebed uitsprak bij het breken van het brood en het delen van de wijn. Het is mogelijk dit gebed te zien als het gebruikelijke gebed voor een maaltijd. Tegelijk plaatst het de maaltijd in een context van geloof. Het gebed maakt van de maaltijd een speciale, misschien zelfs heilige plek. 

Het bijbelse beeld van de gemeente als lichaam van Jezus (Romeinen 12 en 1 Korintiërs 12) geeft een uitleg aan de betekenis van brood en wijn, en de verbinding daarvan aan het lichaam van Jezus. De gemeente wordt gezien als de belichaming van Jezus, van zijn manier van leven. Alle gemeenteleden hebben hun eigen plek hierin en hun eigen rol. Het brood dat wordt gebroken en de wijn die wordt gedeeld leggen dit uit. De gemeente bestaat uit verschillende delen, maar ze zijn deel van een geheel. In dit lichaam worden verschillen erkend, maar tegelijk door de eenheid wordt ook gevraagd ieder zijn plek te gunnen, in liefde en in vrede.  

Enigheid vieren is een van de manieren onder doopsgezinden als beschrijving van het avondmaal. Enigheid komt tot stand door het vieren in naam van Jezus, de viering verbindt de aanwezigen. Tegelijk vraagt enigheid vieren een levenshouding. Het was – en misschien is nog steeds – de gewoonte om alleen deel te nemen aan het avondmaal als je verstoorde relaties voor deelname aan het avondmaal had opgelost.

Mensen zijn zelf verantwoordelijk voor de onderlinge relaties. In het Johannesevangelie wordt dit zichtbaar gemaakt door de voetwassing. Het gaat erom elkaar te dienen zoals Jezus dient. Dezelfde opdracht, om elkaar lief te hebben, te dienen en tegelijk elkaar steeds weer de weg te wijzen naar een levenswijze die hierbij past, ligt besloten in het avondmaal. Samen de maaltijd vieren vraagt om zorg voor de onderlinge relaties. De maaltijd houdt daarmee ook een opdracht in om te reflecteren op hoe je je leven leidt en welke stap je wilt zetten om dichter bij de weg te komen die Jezus voorleefde. 

Het avondmaal is zo ook een belijden en getuigen. Als persoon en als gemeenschap toon je wie je bent en hoe je dat vormgeeft. Ook hier liggen realiteit en ideaal dicht bij elkaar. Je kunt de gemeente zien als heel anders dan hoe mensen in de wereld buiten de gemeente met elkaar omgaan. Dit levert een ideaalbeeld op met de daar bijbehorende ideaalbeelden van hoe te leven. Het avondmaal verwijst daarmee naar Gods nieuwe wereld, die tegelijk is en nog niet is. De gemeente geeft uiting aan haar verlangen naar die wereld en is zelf de gemeenschap die nog niet is wat zij zal zijn. 

De realiteit is dat mensen of ze nu wel of niet tot een geloofsgemeenschap behoren moeite hebben goede, rechtvaardige en vreedzame relaties te onderhouden of goede keuzes te maken. En elke gemeente bestaat uit mensen, die leven in de huidige wereld en tijd. In liefde en vrede samenleven is een moeilijke opdracht. Avondmaal vieren is bemoedigend. Eenheid vraagt verantwoordelijkheid nemen, maar de viering brengt tegelijk troost, vergeving en bemoediging – en schept op deze manier ruimte om samen opnieuw te beginnen. 

De avondmaalsviering is een speciale viering. Het gebeurt niet elke week. De meeste gemeenten hebben een viering op een van de dagen voor Pasen, soms ook vaker. Uit de korte dialoog met gemeenteleden blijkt verscheidenheid in wat avondmaal vieren betekent voor mensen. Eenheid in verscheidenheid geeft een passende beschrijving van enigheid vieren. Een beeld van hoe vrede mogelijk wordt.

Lees meer: