Kernwaarde 6 van 8

Macht delen: een gemeenschap zonder hiërarchieën ‘Priesterschap van alle gelovigen’

Mateusz en Annegreet


Annegreet: Doopsgezinden hebben een gemeenschap zonder hiërarchie. We hebben als doopsgezinden geen paus of bisschoppen. 

Mateusz: Maar waar mensen samenkomen ontstaat er altijd een machtsverhouding toch? Hoe zit dat dan met de kerkenraad? 

Annegreet: De kerkenraad wordt gekozen door de lokale gemeente. Alle lokale gemeenten hebben een eigen kerkenraad en een autonome positie met betrekking tot organisatie en inhoud. Elke gemeente heeft een eigen begroting en zijn zelf verantwoordelijk voor het wel of niet aanstellen van een voorganger, het organiseren van activiteiten en hoe ze het gebouw beheren. Elke lokale gemeente maakt deel uit van een regio en per regio is er een afvaardiging naar de ledenraad. De ledenraad stuurt het landelijke bureau aan middels een gekozen bestuur. Het landelijke bureau legt verantwoording af aan de ledenraad.  

Mateusz: Dus mensen zijn afgevaardigd of gekozen. In hoeverre wordt dat ervaren als alleen functioneel of ook als ‘roeping’; een kerkelijk ambt? Ervaren mensen hun afvaardiging ook als uitnodiging van God. Krijgen mensen een zalving? Misschien is dat een stukje priesterschap?  

Annegreet: Hoe die verantwoording wordt ervaren verschilt per persoon. We kennen geen zalving van kerkenraadsleden maar als een kerkenraadslid benoemd wordt, dan is dat wel ingebed in een liturgisch geheel. Tijdens de ledenvergadering hebben we een specifiek gebed dat uitgesproken wordt voor deze persoon en zijn/haar taak. Ook als iemand weer aftreedt.  

Mateusz: Hoe zit dat in tijden van crisis? In tijden van nood; als er snel een antwoord moet komen wordt de macht altijd gecentraliseerd.  Is er dan iemand die macht uitoefent met een zekere nederigheid en dienstbaarheid? 

Annegreet: Iedere gemeente heeft zijn eigen verantwoordelijkheid om te reageren op de dingen die gebeuren in de wereld, doordat alle gemeenten autonoom zijn. Dat is fijn maar soms ook lastig; als je steeds kleiner wordt als gemeenschap gaat er steeds meer aandacht uit naar lopende zaken en is het moeilijker om adequaat op een crises te reageren.

Landelijk is er een ‘vredes- en duurzaamheidsfunctionaris’ aangesteld. Maar die heeft geen normerende taak naar de gemeenten toe, wel inspirerend en vormend. Los van autonome gemeenten zijn er wel samenwerkingsverbanden, zijn er voorgangers die zich inzetten rondom bepaalde kwesties. Maar die initiatieven kennen geen centrale sturing.  

Mateusz: Dus waar ligt dan de (informele) macht? In een groep zijn sommigen mondiger dan anderen, slimmer dan anderen. Hoe ga je daarmee om? Hoe hoor je dan alle stemmen? Ook degenen die niet zo snel gehoord worden? Tegelijk, je kan toch niet alle stemmen meenemen dan, er is de noodzaak van onderscheiding. Er zijn ook stemmen die kwaad zijn. Die moet je niet meenemen.

Annegreet: Onderscheiden – dat is een belangrijke taak van de gemeente; hoe onderscheid je het kwade van het goede, hoe blijf je ‘zuiver’? Geloof in de Heilige Geest en het lezen van de Bijbel met een christocentrische bril speelt hier van oudsher een belangrijke rol.  

Mateusz: Hoe is dat nu met die bijbelse laag? 

Annegreet: Die laag is niet weg maar de plek van de Bijbel in het persoonlijk leven van mensen is wel veranderd. Doopsgezinden van nu staan niet bekend om hun bijbelkennis. Maar mensen voelen zich nog steeds wel heel verantwoordelijk voor hun geloofsgemeenschap en zijn geworteld in bepaalde waarden – die natuurlijk oorspronkelijk uit de Bijbel komen.

Mateusz: Tegelijk zeg ik, als katholiek, de Bijbel is een belangrijke bron van autoriteit maar er is ook het heilige, dat mystieke. Je bent een gemeenschap in verbondenheid met elkaar niet alleen op menselijk niveau, maar ook op een dieper niveau in God. Daar komt ook een gevoel van missie in de wereld vandaan. Dat je echt een roeping krijgt in de wereld. 

Annegreet: Bestuurders zijn zeker ook niet los van theologie. Onze kerkenraadsvoorzitter leidt bijvoorbeeld ook diensten, hij is lekenprediker. 

Mateusz: Op zich vind ik dat mooi en ook goed dat die twee dingen samengaan. De vraag is hoe ervaart hij dit? Dan komen we weer terug op die vraag naar roeping. En horizontale (tegenover mensen) en verticale (tegenover God) verantwoording. Maar het vraagt ook theologische voorbereiding en kennis; heeft een leek die kennis? 

Annegreet: Binnen de doopsgezinde gemeenschap was dat van oudsher ook iets wat in de gemeenschap lag; gezamenlijk werd er afgestemd op de Heilige Geest en met die inspiratie werd er Bijbel gelezen. De ‘oudsten’, de leiders die reizen rond, die waren er niet altijd. Mensen gingen met elkaar de Bijbel lezen, ook niet iedereen kon even goed lezen.  

Mateusz: Maar zou je dat nu nog steeds zeggen? Dat de doopsgezinde gemeenschap een ‘hermeneutische gemeenschap’ is die bezig is de Bijbel te interpreteren? Het gaat niet alleen om de Bijbel te lezen maar ook in bredere zin. Hoezeer is het geloof verweven met het dagelijks leven van de mensen?

Annegreet: Bij sommigen meer dan anderen. Maar dat het nu anders ligt dan ten tijde van de Reformatie dat denk ik wel. Ik denk dat het voor een doopsgezinde op het zuidelijk halfrond ook weer anders ligt dan hier in Nederland. Als voorganger schep ik wel de ruimte om met elkaar te reflecteren. Laatst vroeg ik in de dienst: praat even met degene die naast je zit over Jezus, wie of wat is Jezus eigenlijk voor je? Mensen kwamen met een veelkleurige reactie terug op wie Jezus voor hen is.  

Mateusz: Toen werkte dat dus wel? Een tijd terug toen we een creatieve viering hadden en mensen zelf een foto mochten pakken als symbool voor hun relatie met Jezus gingen ze deze opdracht uit de weg. Dus toen jij dit aanstuurde kwam reflectie wel opgang?  

Annegreet: Ja, toen mensen in groepjes mochten werken en zelf konden bepalen of ze het over Jezus wilde hebben, gingen sommigen het uit de weg. Wat gebeurt er dan in zo’n groepje hè? Over macht gesproken! Blijkbaar was het toch te spannend of te moeilijk om het over Jezus te hebben. Als voorganger heb ik de taak om dat gesprek op gang te brengen en open ik een oefenruimte.

Mateusz: Mensen hebben dus wel een voorganger nodig, om ‘priesterschap der gelovigen’ vorm te geven. Anders zit je vast in een soort paradox; want als je geen autoriteit hebt dan moet je daar zelf aan werken, maar hoe doe je dat als er geen autoriteit is? Het is mooi dat je in de doopsgezinde gemeenschap je eigen belijdenis mag schrijven om echt van binnenuit zelf woorden te geven aan je geloof. Maar als dat gesprek alleen over zingeving gaat en God steeds verder wegraakt, dan is dat op een gegeven moment niet meer mogelijk. Het vraagt nogal wat van mensen om dat ideaal, die kernwaarde van ‘macht delen’ vorm te geven.  

Pagina 1 van 4 Charlie en Hajo